Familie begeleiding:

Onder familie verstaan we met name de directe contactpersonen ( meestal ouders) en naaste verwanten van onze patiëntengroep. In het vervolg van deze beschrijving zullen we voor hen de term ouders gebruiken.

 
Gedurende de diagnostische fase:

Er vindt naast het gesprek met de patiënt apart een gesprek plaats met de ouders om het verhaal en de geschiedenis van hun kind en de eigen ervaringen te bespreken (hetero anamnese).  

Als de diagnostiek is afgerond volgt een adviesgesprek waarbij alle betrokkenen aanwezig zijn.

 

Tijdens de behandeling:

Ouders krijgen een eerste afspraak kort na het starten van de behandeling. In dit gesprek wordt gepraat over de gevoelens rond en de betekenis van de ziekte van hun kind en voor hen zelf. Praktische problemen rond hun kind worden besproken en opgelost. Bovendien wordt er gesproken over rouwverwerking.

Na de kennismaking krij­gen de ouders twee dagdelen psycho-educatie aangeboden.

Daar­na volgt een ge­zins­avond waarbij de ouders kennis maken met de behandelaren en de groepstherapieën van hun kind. In­dien noodzakelijk kunnen er op indicatie meer afspraken gemaakt worden.

Na de kennismaking en de educatieochtenden hebben de ouders de mogelijkheid om deel te nemen aan oudergroepen en trainingen.

We kiezen ervoor om de ouders en de familie een eigen programma aan te bieden.

Natuurlijk is er naast bovenstaande activiteiten de mogelijkheid om contact te hebben met de behandelaren.

 

Oudergroepen:

De ou­der­groe­pen ko­men maandelijks bij­een. De oudergroepen worden geformeerd nadat er al een kennismaking-gesprek heeft plaats gevonden en de behandeling van hun kind is gestart.

In deze groepen hebben­ ouders de mogelijkheid om hun erva­ringen te delen.

In de oudergroepen wordt door de hulpverle­ners gewerkt vanuit het gegeven dat ouders zich in een rouw­proces bevinden met alle fases die hier bij horen. Omdat ouders op verschil­len­de momenten aan de groep gaan deelnemen, zullen zij ook in verschillen­de fases van het accepta­tie­proces zitten. Om deze reden kunnen zij elkaar tot steun zijn en elkaar nieuwe inzich­ten geven. Verder wordt getracht om hun probleemop­lossend vermogen te vergro­ten. Telkens weer komt de psycho-educa­tie rondom psychose en schizofrenie terug.

De eerste bijeenkomst heeft kennismaking ten doel. De tweede en derde bijeenkomst worden besteed aan psycho-educatie. Ook aan de ouders wordt kennis overgedragen over kwetsbaarheid, stress, prodromen, sympto­men, medicatiege­bruik, etc. De bijeen­komsten staan in het ka­der van wederzijd­se steun en verwer­king van het hebben van een kind met een ernstige psychiatri­sche stoornis. De ouders worden door de behan­delaren gestimuleerd om de hierbij aanwezige gevoe­lens te uiten en om deze te delen met lotgenoten. Met name het opnieuw door­spreken van de schokkende ervaring van een eerste psychose blijkt een be­langrijke ingrediënt voor het opbouwen van een samenwer­kingsre­latie en voor het tot stand komen van groepsco­he­sie.

Na deze eerste serie bijeenkomsten worden de volgende bijeen­komsten besteed aan probleem oplossen. Bijvoorbeeld hoe om te gaan met psychoti­sche ver­schijnse­len, met het feit dat de patiënt een minder mooie toekomst zal moeten accepteren, met een omgekeerd dag- en nachtritme, met de negatieve gevoelens die het gedrag van de patiënt steeds oproept, met drugs- en alcoholge­bruik, met het niet in willen nemen van medicatie, het willen beëindi­gen van het behandelcon­tact, met het stigma, e.d. Door deze pro­bleem­oplossende vaardigheden wordt getracht om het span­nings­ni­veau tussen de gezinsleden optimaal te laten zijn, conflic­ten op adequate wijze op te lossen, de communi­catie -indien verstoord- te verbeteren, en deze vaardig­heden zich te laten generalise­ren naar zich nieuw voordoende problemen.

Naast deze oudergroepen is er het aanbod om deel te nemen aan verschillende themabijeenkomsten en aan de cursus: interactieve vaardigheden.